|
Ingrediënten
- 1kg
aardappelen
- 250
g bloem
- 200
g Fontina-kaas
- 1
ei
- zout
en peper
- muskaatnoot
- volle
melk
- wat
room
|
Bereidingswijze
De aardappelen
zorgvuldig wassen en afborstelen. Ze met schil gedurende 30 min koken
in kokend water.
Ze laten uitlekken en een beetje laten afkoelen alvorens ze te pellen.
De aardappelen in een kom tot puree pletten.
Mengen met het losgeklopt ei, zout, muskaatnoot en peper. Met de handen
de gezeefde bloem verwerken in de puree;
zo ontstaat er een tamelijk vast deeg dat gemakkelijk uit de kom loskomt.
Het deeg niet te lang bewerken, dan wordt het kleverig.
Kleine hoeveelheden nemen en telkens tot balletjes en/of worstjes
van 2 cm lang rollen.
De fontina in plakjes snijden en boven een laag vuur verhitten, samen
met de melk, zachtjes roeren totdat alles gesmolten is.
De room kruiden met een snuifje nootmuskaat en een draai aan de pepermolen.
De gnocchi tussen duim en wijsvinger een beetje platter maken. In
een grote kookpot lichtgezouten water koken.
Hierin met een lepel voorzichtig de gnocchi scheppen. Niet teveel
gnocchi ineens koken, ze kleven gemakkelijk aan elkaar.
De gnocchi 3 à 5 min op een zacht vuurtje koken. Ze zijn gaar
zodra ze komen bovendrijven.
Schep ze met een schuimspaan uit het water. Deze bewerking herhalen
tot de gnocchi op is.
Voorzichtig de saus grotendeels door de gnocchi roeren, verdelen in
4 porties en overgieten met de rest van de saus.
|